‘Toegankelijkheid is vooral een kwestie van Hoe’

Het VN-verdrag Handicap is in 2016 in werking getreden. Doel: de positie van mensen met een beperking versterken. Want ook zij hebben het recht om zelfstandig te wonen, naar school te gaan, het openbaar vervoer te gebruiken of te werken. Net als ieder ander. Hoe ver zijn we in Nederland? Wat is er nodig om een écht toegankelijk Nederland te maken? En wat moeten of kunnen gemeenten doen? Aan het woord is Otwin van Dijk, burgemeester van Oude IJsselstreek en - als ambassadeur van het VNG-project Iedereen doet mee! - fervent voorvechter van toegankelijkheid.


‘In Nederland hebben we er 10 jaar over gedaan om het VN-verdrag te ratificeren. Dat had niet zolang hoeven duren, maar het is wel verklaarbaar. In Nederland hebben we een soort van kruideniersmentaliteit; voordat we iets doen, vragen we ons eerst af wat het gaat kosten.’

‘Begrijp mij niet verkeerd, we zorgen in Nederland heel goed voor mensen met een beperking, maar we zetten ze wel heel vaak apart. De eerste grote crowdfunding actie was 50 jaar geleden met Open het dorp van Mies Bouwman; 24 uur geld inzamelen om mensen met een lichamelijke beperking, aan de rand van de stad, in een aparte wijk, bij elkaar te zetten. Aparte instituten, aparte busjes, aparte scholen. Er is geen land zo geïnstitutionaliseerd als Nederland. Het inclusief denken zit ons dus niet echt in de genen. In Amerika bijvoorbeeld, denken ze veel meer vanuit burgerrechten. Daar is elke kroeg, museum, restaurant, nationaal park, het openbaar vervoer toegankelijk gemaakt. De moraal is daar inclusiever. Neem nou Roosevelt. Die zat in een rolstoel en leidde Amerika door de Tweede Wereldoorlog. Hier moeten we de eerste minister in een rolstoel nog krijgen.’



Normaal

‘Dat we een aparte gehandicaptenwijk creëren aan de rand van het bos, buiten de stad, is inmiddels ondenkbaar geworden. Maar je zult nooit kunnen zeggen ‘Nou zijn we er!’ Met het VN-verdrag willen we dat mensen met een beperking een ‘zo normaal mogelijk’ leven moeten kunnen hebben. Naar een gewone school kunnen gaan om je talent te ontwikkelen, sporten bij een gewone sportvereniging, wonen in een gewone wijk. Het betreft meer dan alleen bij de kroeg om de hoek naar binnen kunnen. Dat maakt het ook wel subjectief


Kwestie van bewustwording

‘Ik denk dat toegankelijkheid vooral een kwestie is van bewustwording. Zo hebben we op onze gemeentesite filmpjes waarin mensen hun persoonlijke verhaal vertellen, omdat ik ervan overtuigd ben dat storytelling heel erg bijdraagt aan bewustwording en begrip. Soms moet je als gehandicaptenbeweging of patiëntenvereniging ook actie voeren. Niets mis mee om af en toe letterlijk een signaal af te geven, om van je te laten horen. Maar het is ook heel effectief als een organisatie die expertise heeft op dit vlak, concrete tips en voorbeelden geeft. Geen ondernemer die zegt ‘Ik wil jullie soort niet binnen.’ Helemaal niet! Het is meer een kwestie van ‘Hoe dan?’ Daarbij kunnen spraakmakende voorbeelden juist heel erg bij helpen. Want wat vind jij, als inwoner met een beperking, normaal leven?’


Ook wetgeving en scherpe richtlijnen

‘Ik ben er wel van overtuigd dat sommige dingen ook bij wet moeten worden geregeld. Een goed toegankelijke website bijvoorbeeld, dat gaat niet vanzelf. Een paar jaar geleden voldeed slechts 7% van alle overheidswebsites aan de webrichtlijnen voor toegankelijkheid. Met andere woorden: 93% dus niet! Terwijl we wel van inwoners verwachten dat ze steeds meer met de overheid digitaal communiceren. Ja, dan is er echt nog wel een wereld te winnen. En dan helpt wetgeving en scherpe richtlijnen. Bij wet is nu vastgelegd dat in 2020 alle overheidswebsites toegankelijk moeten zijn.'

'Toegankelijkheid is geen vorm van altruïsme'

‘Wat bewustwording betreft is de gemeente Hardenberg, eerder uitgeroepen tot meest toegankelijke gemeente van Nederland, een goed voorbeeld. Voor elke afdeling van de gemeente is een toegankelijkheidsambassadeur aangesteld. Deze heeft tot taak mee te kijken als er bijvoorbeeld een nieuw winkelcentrum moet komen of een weg moet worden gerenoveerd. En dat werkt!’


‘Toegankelijkheid heeft ook een economisch voordeel. Het is geen vorm van altruïsme, maar levert regelrecht klanten op. Toen ik Tweede Kamerlid was mocht ik bijvoorbeeld een Fries museum heropenen na een verbouwing. Het museum was gevestigd in drie historische panden. De museumdirecteur wilde graag dat iedereen de collectie moest kunnen zien, dus ook mensen met een beperking. Mensen in een rolstoel, maar ook mensen met een visuele beperking. Hij rekende op 15% meer bezoekers, aangezien 15% van de Nederlandse bevolking een beperking heeft. Hij kreeg 40% meer bezoekers! Mensen gaan immers zelden in hun eentje naar het museum. Dat doe je met je partner, met je kinderen, familie, vrienden. En voor mensen met een beperking geldt dat natuurlijk ook. Als ondernemer ben je eigenlijk een dief van je eigen portemonnee als je niet investeert in toegankelijkheid.’

‘Vooral contact maken met de mensen met een beperking’

‘Het VN-verdrag stelt ‘nothing about us, without us.’ Wat gemeenten vooral moeten doen om toegankelijker te worden, en daar zijn we in Nederland ook echt goed in, is contact maken met mensen met een beperking. Zeker als het gaat om mensen die wat minder gemakkelijk van zich laten horen. Tegelijkertijd vind ik wel dat het een bepaalde vorm van empowerment is om zoveel mogelijk mensen met een beperking zelf te laten aangeven wat zij nodig hebben.’


‘Daarnaast moet je als gemeente ook focus aanbrengen. Je kunt gewoonweg niet op alle levensdomeinen - sport, cultuur, onderwijs, huisvesting, openbaar vervoer - alles tegelijkertijd aanpakken. En daarbij is het van belang eerst het laaghangend fruit te plukken om toegankelijkheid op het netvlies te krijgen, om die bewustwording te genereren. Zichtbare dingen laten zien, zodat mensen er ook over gaan praten.’

‘Ik vind het heel mooi dat gemeenten het VN-verdrag gebruiken als een soort grondwet voor de zorgdecentralisatie, passend onderwijs en straks ook voor de invoering van de omgevingswet. Daarmee kun je die inclusieve samenleving ook echt waarmaken. Vanuit het perspectief van volwaardig burgerschap. Dan wordt onze samenleving echt mooier.’

Otwin van Dijk

Otwin van Dijk is burgemeester van Oude IJsselstreek en ambassadeur voor het VNG-project Iedereen doet mee! Daarvoor, van 2012 tot 2016, was hij namens de PvdA lid van de Tweede Kamer.


Van Dijk is rolstoelgebruiker als gevolg van een ongeluk op zijn 18e jaar. In 2009 werd hij voorzitter van de landelijke stuurgroep Alles Toegankelijk, een initiatief van overheid, bedrijfsleven en zorginstellingen om producten en diensten voor iedere Nederlander toegankelijk te maken.


Zijn gemeente is een van de 25 koplopers van het VNG-project Iedereen doet mee! Dit programma heeft als doel dat alle gemeenten aan de slag gaan met het VN-verdrag Handicap en wil een extra impuls geven aan de al bestaande initiatieven gericht op het volwaardig meedoen van inwoners met een beperking.


Meer informatie over het project is te lezen op de website van de VNG.